Systeemontwikkeling

Overzicht vereisten examen (volgens kwalificatie dossier)

ICT Beheerder:

  1. Informatie analyse (referentie 1.1.)
    • Business case
    • Definitie studie
  2. Plan van aanpak (referentie 1.4)
  3. Functioneel ontwerp (referentie 1.2)
  4. Technisch ontwerp (referentie 1.3)
  5. Implementatieplan
    • Implementatie plan (referentie 2.1)
    • Opstellen trainingstraject (referentie 2.3)
    • Evaluatie-rapport (referentie 2.4)
  6. Testplan en resulltaten (referentie 2.3)
  7. Documentatie voor gebruikers
    • Naslagwerk testen, storingen, verbeteringen en incidentmeldingen (referentie 3.1-3.3)
    • Opstellen procedures & archivering (referentie 3.4)
    • Opstellen gebruikersinstructies (referentie 4.3)

Applicatie ontwikkelaar:

  1. Informatie analyse (referentie 1.1.)
    • Business case
    • Definitie studie
  2. Plan van aanpak (referentie 1.2)
  3. Functioneel ontwerp (referentie 1.3)
  4. Technisch ontwerp (referentie 1.4)
  5. Implementatieplan
    • Implementatie plan (referentie 3.1)
    • Evaluatie-rapport (referentie 3.4
  6. Testplan
    • Testplan & resultaten-rapport (referentie 2.5)
    • Acceptatie test & resultaten-rapport (referentie 3.2)
  7. Documentatie voor gebruikers
    • Onderhoud procedures & SLA & aanpassingen (referentie 4.1)
    • Content specificaties & procedures & rechten (referentie 4.5)
    • Systeem documentatie (referentie 4.6)

Toelichting ICT Beheerder:

Informatie analyse (referentie 1.1.) | Business case | Definitie studie
De ICT-beheerder inventariseert de informatiebehoefte binnen een afdeling of organisatie. Hij overlegt met de opdrachtgever over de uit te voeren werkzaamheden, inventariseert de eisen en wensen en bepaalt wat de mogelijkheden zijn. De behoeften van de opdrachtgever/organisatie en de mogelijkheden binnen de organisatie zijn in kaart gebracht

Plan van aanpak (referentie 1.4)
Op basis van het functioneel en technisch ontwerp inventariseert de ICT-beheerder de uit te voeren activiteiten en maakt een plan van aanpak. In het plan van aanpak beschrijft de ICT-beheerder zowel de planning van de werkzaamheden als de kostenraming.

Functioneel ontwerp (referentie 1.2)
De ICT-beheerder onderzoekt hoe met behulp van ICT aan de vastgestelde informatiebehoefte kan worden voorzien en levert een functioneel ontwerp op. Daarbij stelt hij ook globale planningen op en houdt rekening met de beschikbare middelen.

Technisch ontwerp (referentie 1.3)
De ICT-beheerder maakt aan de hand van het functioneel ontwerp een technisch ontwerp

Implementatieplan(referentie 2.1 | 2.3 | 2.4)

Implementatie plan (referentie 2.1)  De ICT-beheerder inventariseert de consequenties van de implementatie van (onderdelen van) een informatiesysteem binnen een organisatie. Deze bespreekt hij met de betrokkenen, waarna hij het implementatieplan opstelt. Hij beschrijft in dit plan de technische en organisatorische implementatie.

Opstellen trainingstraject (referentie 2.3) De ICT-beheerder draagt bij aan het opstellen van trainingstrajecten die afgestemd zijn op de doelgroep. Hij licht de trainingstrajecten toe aan zijn opdrachtgever en/of leidinggevende.

Evaluatie-rapport (referentie 2.4) De ICT-beheerder interpreteert de resultaten van de implementatie en de uitgevoerde testen en bespreekt deze met de betrokkenen. Tevens zorgt hij ervoor dat het gehele implementatietraject met de betrokken partijen geëvalueerd wordt. De ICT-beheerder legt de uitkomsten van de evaluatie schriftelijk vast.

Testplan en resultaten (referentie 2.3)
De ICT-beheerder biedt ondersteuning bij de uitvoering van acceptatietests. Hij bestudeert het testplan en voert dit samen met het projectteam uit. De ICT-beheerder noteert en interpreteert de bevindingen en onderneemt de juiste acties n.a.v. de testresultaten.

Documentatie voor gebruikers (referentie 3.1 | 3.2 | 3.3 | 3.4 | 4.3)

Naslagwerk testen, storingen, verbeteringen en incidentmeldingen (referentie 3.1-3.3) De ICT-beheerder voorkomt (ver)storingen door het informatiesysteem te beheren en te testen. Hij voert ter voorkoming van (ver)storingen regelmatig test- en serviceactiviteiten uit en toetst of het systeem voldoet aan de gestelde eisen en benodigde performance. Indien nodig doet de ICT-beheerder verbetervoorstellen om (ver)storingen in de toekomst nog beter te voorkomen

De ICT-beheerder lokaliseert geconstateerde storingen, achterhaalt de oorzaak en verhelpt storingen. Hiertoe maakt hij gebruik van oplossingsmethoden, hulpmiddelen en informatie uit gedocumenteerde storingsoplossingen. De ICT-beheerder documenteert de storingen en de gevonden oplossingen, zodat er een bruikbaar naslagwerk ontstaat.

De ICT-beheerder neemt incidentmeldingen in behandeling. Hij interpreteert en analyseert de meldingen, prioriteert en handelt de meldingen af. Hij controleert of de gebruiker tevreden is met de incidentafhandeling. De ICT-beheerder documenteert en registreert alle meldingen en bijbehorende oplossingen.

Opstellen procedures & archivering (referentie 3.4)  De ICT-beheerder stelt beheer- en gebruiksprocedures op, zoals beveiligings-, onderhouds- en back-up procedures op. Hij bewaakt de actualiteit en formuleert zo nodig verbetervoorstellen. Wanneer hij wijzigingen doorvoert, informeert hij de collega’s en gebruikers hier tijdig over. De ICT-beheerder zorgt er eveneens voor dat de verschillende soorten documentatie (systeemdocumentatie, licenties etc.) goed gearchiveerd worden.

Opstellen gebruikersinstructies (referentie 4.3) De ICT-beheerder stelt gebruikersinstructies op. Hij licht de gebruiker de werking van het systeem toe. Hij bewaakt de actualiteit en formuleert zo nodig verbetervoorstellen. Wanneer hij wijzigingen doorvoert, informeert hij de collega’s en gebruikers hier tijdig over. De ICT-beheerder zorgt er eveneens voor dat de gebruikersinstructies goed gearchiveerd worden.

Toelichting Applicatie ontwikkelaar:

Informatie analyse (referentie 1.1.) | Business case | Definitiestudie
De applicatieontwikkelaar overlegt met de opdrachtgever om diens vraag naar de technische realisatie van een applicatie duidelijk te krijgen. Hij analyseert de beschikbare gegevens die hij heeft geïnventariseerd, onder andere door het voeren van gesprekken met betrokkenen, om een duidelijk beeld te krijgen van de informatiebehoefte en/of de wensen van de opdrachtgever (onderdeel a) en de technische realisatie, waarbij hij de (on)mogelijkheden in kaart brengt (onderdeel b)

Plan van aanpak (referentie 1.2)
Op basis van de vraag en/of informatiebehoefte en/of de wensen van de opdrachtgever inventariseert de applicatieontwikkelaar de uit te voeren activiteiten en maakt een plan van aanpak. In het plan van aanpak beschrijft de ontwikkelaar zowel de planning van de werkzaamheden als de inzet van mensen en middelen

Functioneel ontwerp (referentie 1.3)
De applicatieontwikkelaar maakt op basis van het projectplan een eerste versie van het functioneel ontwerp voor een applicatie.

 Technisch ontwerp (referentie 1.4)
De applicatieontwikkelaar maakt op basis van het projectplan en/of het functioneel ontwerp een eerste versie van het technisch ontwerp voor een applicatie.

Implementatieplan (referentie 3.1 | 3.4)

Implementatie plan (referentie 3.1) De applicatieontwikkelaar inventariseert de consequenties van de implementatie van een applicatie binnen een organisatie. Deze bespreekt hij met de betrokkenen, waarna hij het implementatieplan schrijft.

Evaluatie-rapport (referentie 3.4) De applicatieontwikkelaar installeert de applicatie volgens het implementatieplan. Dit doet hij eventueel in samenwerking met collega’s. Hij draagt de applicatie over aan de functionaris die verantwoordelijk is voor de vervolgstappen naar aanleiding van de implementatie. De applicatieontwikkelaar legt de uitkomsten van de volledige implementatie schriftelijk vast.

Testplan (referentie 2.5 | 3.2)

Testplan & resultaten-rapport (referentie 2.5) De applicatieontwikkelaar test de werking en functionaliteit van de gerealiseerde applicatie en/of interface. Hij begeleidt de integrale systeemtest en de acceptatietest die door de opdrachtgever wordt uitgevoerd.

Acceptatie test & resultaten-rapport (referentie 3.2) De applicatieontwikkelaar stelt de acceptatietest op en biedt ondersteuning bij de uitvoering van acceptatietests.

Documentatie voor gebruikers (referentie 4.1 | 4.5 | 4.6)

Onderhoud procedures & SLA & aanpassingen (referentie 4.1) De applicatieontwikkelaar richt een onderhouds-/beheerprocedure in om structureel informatie te verzamelen over applicatieaanpassingen, eisen en wensen. Hij beheert en onderhoudt met behulp van geldende procedures/ contractafspraken (Service Level Agreement oftewel SLA) de applicatie. Ook registreert en documenteert hij applicatieaanpassingen, eisen en wensen en interpreteert deze. De applicatieontwikkelaar verricht in overleg met zijn leidinggevende en/of opdrachtgever de benodigde aanpassingen, test de werking en rapporteert aan zijn leidinggevende en/of opdrachtgever

Content specificaties & procedures & rechten (referentie 4.5)  Voor het beheren van de content bepaalt de applicatieontwikkelaar de specificaties waaraan de gegevens moeten voldoen. Hij maakt afspraken met degenen die gegevens aanleveren en legt deze afspraken in procedures of regels vast. Hij beoordeelt aangeleverde gegevens op technische vereisten en bewerkt ze zo nodig en waar mogelijk als deze niet aan de technische vereisten voldoen. Volgens afspraken en regels verleent hij gebruikersrechten aan de gebruikers(groepen) van de applicatie.

Systeem documentatie (referentie 4.6) De applicatieontwikkelaar documenteert en archiveert gegevens m.b.t. het onderhouden van applicaties. De applicatieontwikkelaar archiveert bestanden. Voor het archiveren stelt hij regels of procedures op.